Zoetermeer, 2-12-2018

Lieve Bas,

 

Hier zit ik dan, aan een eettafel in Zoetermeer, eindelijk een brief aan jou te schrijven. Lange tijd geleden heb ik je weggestopt met vele pijnlijke herinneringen. Na een recente en pijnlijke EMDR-sessie is één beeld blijven hangen: Een klein jongetje boven aan een trap die naar beneden kijkt omdat de bel ging. Een man in uniform vertelt zijn moeder in de deuropening dat haar oudste zoon is overleden tijdens een oefening. Zijn moeder zakt in elkaar. Dat kleine jongetje was ik. De psycholoog vraagt wat het kleine jongetje voelt, maar ik weet het niet. De psycholoog vraagt wat het kleine jongetje nodig heeft, maar ik voel het niet. De psycholoog vraagt wat het jongetje denkt en het jongetje kijkt me aan en zegt: “dat gaat je geen reet aan”.

 

Het is zondagochtend en ik ben verdrietig wakker geworden. De tranen stroomden over mijn wangen en ik heb gezegd dat het me speet dat ik je heb weggestopt. Dat ik nooit actief op zoek ben geweest naar wie je was, wat je wilde doen en waarom alles zo is gelopen. Het enige wat ik nog van je weet zijn flarden van verhalen van anderen, invullingen en aannames.

 

Dat je dood bent is ok. We gaan allemaal vroeg of laat. Voor jou kwam het waarschijnlijk op een ongelukkig moment omdat je, ver van huis, waarschijnlijk de fijnste tijd van je leven had. Je verdient het alleen niet om samen met de rest van de beerput van mijn jeugd te worden ontkend. Ik denk dat ik daar nu moeite mee heb. Ik wil niet meer alles vergeten, ik wil de fijne dingen kunnen koesteren en volgens mij was jou als broer hebben een van de vele fijne dingen die me is overkomen.

 

In mijn hoofd lag je begraven op de Grebbeberg. Dat had iets te maken met de oorlog en helden. Jij was mijn held en je was militair. Dus helemaal gestoord was het niet. Ik weet dat ik heb gevraagd of ik afscheid mocht nemen van je, maar volgens Pa en Ma was dat niet verstandig. Ze zullen het goed bedoeld hebben, neem ik voorlopig maar aan. Ze zijn er allebei niet meer dus vragen wordt wat lastig. Als ik als jongvolwassene had doorgevraagd had ik geweten dat je in Breda was begraven. Enige jaren geleden ben ik met Leo in Breda geweest om foto’s te maken en toen zijn we ook op de begraafplaats geweest waar je lag begraven. Je graf was natuurlijk al lang geruimd, maar op de een of andere manier was het toch fijn om je een échte plek te geven. Alhoewel je in mijn gevoel nog steeds tussen de helden ligt.

 

Ik kan me een foto herinneren dat ik als 4-jarig jongetje samen met jou de Kever van Pa sta te wassen. Ik heb net aan Leo gevraagd of hij weet waar deze is. Hij gaat zoeken dus ik heb goede hoop dat ik deze op een gegeven moment groot aan de muur kan hangen.

 

Ik weet dat je van sleutelen hield. Vaag zie ik je in de weer in de achtertuin van ons huis met een uit elkaar gehaalde brommer. Volgens mij had je een vriendinnetje, maar ik ben haar naam kwijt. Toch maar eens met Leo op zoek naar dit soort details. Ik zou graag het beeld van mijn jeugd bijstellen en aanvullen want een mens zonder verleden is maar armoedig.

 

Dat was het voor vandaag lief broertje, tot later

Rutger

Deel:

Meer verhalen